Bach op de blokfluit met Lucie Horsch
- Concerten
- Bach op de blokfluit met Lucie Horsch
Lucie Horsch bewijst met haar aanstekelijke speelplezier dat meesterwerken van vader en zoon Bach prachtig klinken op de blokfluit. Verder speelt het Concertgebouw Kamerorkest Brahms' Eerste strijksextet in een nieuw en uniek arrangement.

Bach op de blokfluit door publiekslieveling Lucie Horsch
Die Kunst der Fuge BWV.1080 - Contrapunctus I t/m IV
Johann Sebastian Bach
Uitvoerenden: Michael Waterman (Dirigent), Concertgebouw Kamerorkest
Concert voor blokfluit en strijkorkest TWV.51, nr.F1 in F gr.t. - deel I, "Affettuoso" + deel II, "Allegro"
Georg Philipp Telemann
Uitvoerenden: Lucie Horsch (blokfluit), Michael Waterman (Dirigent), Concertgebouw Kamerorkest
Concert voor fluit en strijkorkest Wq.22 in d kl.t. - compleet
Carl Philipp Emanuel Bach
Uitvoerenden: Lucie Horsch (blokfluit), Michael Waterman (Dirigent), Concertgebouw Kamerorkest
Concert voor hobo en strijkorkest BWV.1059R in d kl.t. - compleet (Arr.)
Johann Sebastian Bach
Uitvoerenden: Lucie Horsch (blokfluit), Michael Waterman (Dirigent), Concertgebouw Kamerorkest
Suite voor orkest nr.2, BWV.1067 in b kl.t. - deel VII, "Badinerie" (Arr.) (toegift)
Johann Sebastian Bach
Uitvoerenden: Lucie Horsch (blokfluit), Michael Waterman (Dirigent), Concertgebouw Kamerorkest
Strijksextet nr.1, op.18 in Bes gr.t. - compleet (Arr.)
Johannes Brahms
Uitvoerenden: Michael Waterman (Arrangeur), Michael Waterman (Dirigent), Concertgebouw Kamerorkest
woensdag 12 augustus 2026
OmroepNTR
ComponistenJohann Sebastian Bach, Carl Philipp Emanuel Bach, Georg Philipp Telemann, Johannes Brahms
UitvoerendenLucie Horsch (blokfluit), Michael Waterman (Dirigent)
EnsemblesConcertgebouw Kamerorkest
TijdperkenHoog barok, Klassiek, Romantisch
Locatiehet Concertgebouw, Amsterdam
Brahms Sextet
Brahms schreef het sextet in 1860 toen hij nog maar 27 jaar oud was. Het is een van zijn eerste grote kamermuziekwerken en combineert de intimiteit van kamermuziek met een rijke, bijna orkestrale klank. Juist dat maakt het werk geschikt voor een nieuwe bewerking voor kamerorkest.
Vader en zoon Bach op de blokfluit
In de achttiende eeuw was het heel gebruikelijk om muziek aan te passen voor een andere bezetting. Componisten bewerkten hun eigen werken, of pasten ze aan voor een andere gelegenheid, een andere musicus of een ander instrument. Omdat oorspronkelijke versies soms verloren zijn gegaan, is achteraf niet altijd meer met zekerheid vast te stellen voor welke bezetting een werk oorspronkelijk bedoeld was.
Dat geldt bijvoorbeeld voor Johann Sebastian Bachs Klavecimbelconcert in d klein (BWV 1059). Van dit concert liet Bach slechts een schets van negen maten na. Die maten blijken overeen te komen met muziek uit zijn cantate Geist und Seele wird verwirret (BWV 35), waarin het orgel de solopartij speelt. Op basis van deze bronnen is een eerder, verloren gegaan concert gereconstrueerd. Voor de oorspronkelijke solopartij komen vooral hobo en fluit in aanmerking.
Ook bij Bachs zoon Carl Philipp Emanuel speelt de geschiedenis van verschillende versies en bezettingen een rol. Het Concert in d klein (Wq. 22), dat Lucie Horsch hier op blokfluit speelt, bestaat in een versie voor fluit én in een versie voor klavecimbel. De wetenschappelijke uitgave van C.P.E. Bachs werken rekent Wq. 22 tot zijn fluitconcerten en presenteert naast de klavecimbelversie ook de fluitversie.








