Deze componist probeert het goddelijke en menselijke bij elkaar te krijgen
- Klassiek
- Deze componist probeert het goddelijke en menselijke bij elkaar te krijgen
In de muziek van Arvo Pärt staan vaak twee werelden tegenover elkaar. De ene is menselijk, kwetsbaar en zoekend. De andere is stil, vast en bijna onaantastbaar. Juist in de ruimte tussen die twee ontstaat de spanning die zijn muziek zo bijzonder maakt.
In de podcast Aldith wil meer… Klassiek legt pianist en samensteller Jacobus den Herder uit hoe Pärt die tegenstelling hoorbaar maakt. In veel van zijn composities klinken twee stemmen naast elkaar. De ene vertegenwoordigt het goddelijke en klinkt eenvoudig en onveranderlijk, vaak in de vorm van een vaste drieklank. De andere staat voor de mens en blijft bewegen, zoeken en terugkeren.
Pärt laat beide stemmen niet volledig in elkaar opgaan. Soms klinken ze harmonieus, soms schuren ze. Precies daarin zit volgens Den Herder de kern van zijn muziek.
Om deze inhoud te tonen moet je toestemming geven voor social media cookies.
De piano als anker
In Spiegel im Spiegel hoor je dat heel duidelijk. De piano speelt steeds dezelfde eenvoudige akkoorden. Daardoor ontstaat een gevoel van rust en continuïteit. De pianopartij verandert nauwelijks en vormt zo een muzikaal anker.
De viool beweegt daar vrijer omheen. Met lange, langzame lijnen zoekt de melodie een weg boven en onder een centrale toon. Soms dwaalt die af, maar steeds volgt een terugkeer naar het uitgangspunt. Die combinatie maakt de muziek tegelijk rustig en ontroerend. De piano lijkt zekerheid te bieden, terwijl de viool iets menselijks laat horen: twijfel, verlangen en beweging.
Ook in Für Alina werkt Pärt met twee stemmen. Wil je weten hoe dat zit? Luister dan naar de podcast Aldith wil meer… Klassiek.




